Boomklipdassen lijken, net als hun op de grond levende verwanten, haast weggelopen uit de verbeelding van een kind of uit een fantasieverhaal. Deze dieren, verwant aan olifanten maar met het uiterlijk van knaagdieren, bewegen zich behendig door de boomtoppen als apen en laten met de kracht van een nachtegaal hun zang horen. In dit artikel lichten we toe wat de wetenschap recent heeft ontdekt over deze opmerkelijke dieren.
Raadsel van de natuur: wie zijn klipdassen?
Op het eerste gezicht lijken klipdassen op grondeekhoorns, uit de kluiten gewassen cavia's of misschien kleine bevers, waardoor ze al snel de indruk wekken van knaagdieren. Boomklipdassen bleven lange tijd grotendeels buiten beeld in wetenschappelijk onderzoek. Deze dieren, die in Afrika en het Midden-Oosten voorkomen, werden in de tweede helft van de 18e eeuw beschreven. Omdat ze aanvankelijk simpelweg als knaagdieren werden ingedeeld, bleven ze in de natuurlijke historie vaak niet meer dan een voetnoot.
Ongeveer een eeuw later besloten wetenschappers klipdassen nauwkeuriger te bestuderen, maar opnieuw werd een verkeerde inschatting gemaakt: ze werden ingedeeld bij de onevenhoevigen, een groep waartoe bijvoorbeeld ook zebra's, neushoorns en tapirs behoren. De drieledige maag van klipdassen, hun stevige nagels en hun gebruikelijke kauwbewegingen brachten de zoölogen op een dwaalspoor.
Pas met de ontwikkeling van de genetica werd het mogelijk om de oorsprong van klipdassen nauwkeurig vast te stellen. De ontdekking was werkelijk verrassend: de nauwste verwanten van deze dieren van maximaal 4 kg zijn olifanten, evenals doejongs en lamantijnen.
Van het Paleoceen tot nu: hoe hebben klipdassen zich ontwikkeld?
Ongeveer 65 miljoen jaar geleden hadden klipdassen, slurfdieren zoals olifanten en zeekoeien zoals lamantijnen een gemeenschappelijke voorouder – laten we die de "protoklipdas" noemen. Deze leefde eerst in het water en later half in het water. In de loop van de tijd trok een deel van die populatie het land op, terwijl andere dieren in het water bleven en uiteindelijk uitgroeiden tot de lamantijnen van nu. De protoklipdassen die de oevers opzochten, ondervonden weinig concurrentie, omdat de dinosauriërs in die periode nagenoeg waren uitgestorven. Daardoor konden deze oeroude dieren zich tegen het einde van het Eoceen, ongeveer 40 miljoen jaar geleden, vrij over Afrika verspreiden.
Naarmate hun verspreidingsgebied groter werd, veranderde ook hun uiterlijk: protoklipdassen pasten zich aan nieuwe leefomgevingen aan, populaties splitsten zich af en iedere lijn volgde haar eigen evolutionaire pad. Uit deze gemeenschappelijke voorouder ontstond een veelheid aan vormen, variërend in grootte van een olifant tot een knaagdier.
Ze waren de belangrijkste herbivoren van Afrika, totdat ze geleidelijk werden verdrongen door rundachtigen zoals antilopen, runderen en buffels. Tegen het einde van het Plioceen, ongeveer 2 miljoen jaar geleden, had iedere tak die uit de gemeenschappelijke voorouder was voortgekomen zijn eigen niche stevig ingenomen en duidelijke kenmerken ontwikkeld, die tot op de dag van vandaag bewaard zijn gebleven – ook bij klipdassen.
Moderne klipdassen leven in Afrika en het Midden-Oosten. Deze kleine dieren, bedekt met een dikke vacht en ongeveer zo groot als een forse kat, wegen tussen 1,5 en 5 kg. Ze worden ingedeeld in drie geslachten: struik-, rots- en boomklipdassen. Waar ze ook leven, hun anatomie heeft een intrigerend kenmerk waardoor ze behendig in bomen en tegen rotswanden kunnen klimmen.
De zolen van hun voeten zijn kaal en bedekt met een unieke opperhuid, vergelijkbaar met dik rubber. Zweetklieren op deze voetzolen houden de huid voortdurend vochtig, terwijl gespecialiseerde spieren de huid kunnen oprekken en zo een zuigeffect creëren. Daardoor bewegen klipdassen zich snel en behendig over vrijwel elk oppervlak, zelfs over verticale rotswanden, en dalen ze moeiteloos met de kop naar beneden af.
Hoe lijken boomklipdassen op olifanten?
De zoektocht naar de oorsprong van de klipdas kostte wetenschappers ruim een eeuw. Wat bracht hen uiteindelijk op het juiste spoor? Vooral de bouw van de poten van de klipdas: aan de voorpoten hebben ze vier tenen met platte nagels, die lijken op kleine hoeven. Aan de achterpoten hebben ze drie tenen, met één gekromde nagel die handig is voor de vachtverzorging. Deze hoefachtige nagels werden het bepalende morfologische kenmerk en leidden tot een doorbraak in het genetische "onderzoek": zulke nagels komen ook voor bij olifanten en aan de randen van de vinnen van lamantijnen.
Vachtverzorging is overigens geen gril, maar een noodzaak om te overleven. Door de kenmerken van hun leefomgeving moeten klipdassen zich aanpassen aan constante temperatuurschommelingen. Op één dag kan hun lichaamstemperatuur met 12 tot 15 °C stijgen of dalen. Om ervoor te zorgen dat hun vacht deze thermische veranderingen doorstaat, moeten ze haar zorgvuldig verzorgen en voortdurend zuurstof tussen de haren toelaten. Daarom besteden klipdassen dagelijks meerdere uren aan vachtverzorging.
Een andere aanwijzing voor wetenschappers waren de slagtanden. Olifanten hebben grote, opvallende slagtanden; klipdassen hebben kleinere exemplaren, die net als bij olifanten uit snijtanden zijn gevormd. Bij de meeste andere dieren ontstaan slagtanden juist uit hoektanden, zoals bij walrussen en wilde zwijnen.
De lijst met overeenkomsten met hun grotere verwanten eindigt daar niet. Net als olifanten hebben klipdassen melkklieren in de oksels en de liesstreek, en bij mannetjes liggen de teelballen verborgen in de buikholte, dicht bij de nieren.
Wat maakt boomklipdassen bijzonder?
Boomklipdassen zijn, anders dan hun verwanten in struikland en op rotsen, nachtdieren. Juist daardoor wisten ze zich lange tijd aan onderzoekers te onttrekken. Ze zijn dan ook minder goed bestudeerd dan andere soorten klipdassen. Tegenwoordig hebben wetenschappers vier soorten boomklipdassen geïdentificeerd:
- De zuidelijke boomklipdas leeft in Oost- en Zuid-Afrika in subtropische of tropische droge en vochtige laaglandbossen en bergbossen, savannes en rotsachtige gebieden.
- De oostelijke boomklipdas komt alleen voor in Tanzania en Kenia en leeft vooral in de uitlopers en bergbossen van Kilimanjaro, Meru en Udzungwa.
- De Benin-boomklipdas leeft in West-Afrika, in het gebied tussen de rivieren Niger en Volta.
- De westelijke boomklipdas komt voor in subtropische of tropische vochtige laaglandbossen, savannes en rotsachtig terrein in West- en Centraal-Afrika.
De vacht van boomklipdassen is langer en iets zijdeachtiger dan die van andere soorten. De kleur van hun zachte, dichte vacht varieert met hun leefgebied, van lichtgrijs tot licht- of donkerbruin. Die uiteenlopende kleuring werkt als een evolutionair camouflagemechanisme: in vochtige gebieden met veel groene vegetatie hebben ze een donkerdere tint, terwijl hun kleur in droge zones meestal lichter is.
Qua voedselkeuze lijken boomklipdassen sterk op hun verwanten: ze hebben een voorkeur voor bladeren, vruchten, takken en schors, waarvoor ze vaak tot in de hoogste boomkronen van het bos klimmen.
Daarnaast brengen boomklipdassen een reeks geluiden voort die lastig te beschrijven zijn: ze zingen, bootsen de trillers van nachtegalen na, blaffen, schreeuwen, piepen, klikken, fluiten en grommen bijna tegelijk, waarbij het volume gemakkelijk boven de 100 decibel uitkomt. De zang kan per soort licht verschillen en vormt een van de criteria waarmee onderzoekers verschillende soorten en ondersoorten van boomklipdassen indelen. Wetenschappers hebben een nieuw type roep van de boomklipdas gevonden, dat zij een "verstikte klap" noemden – en mogelijk kan dit leiden tot de ontdekking van een nieuwe soort boomklipdas.
De vocalisaties van boomklipdassen zijn te vergelijken met vogelzang, de roepen van walvissen en de ultrasone communicatie van vleermuizen. Dit brede klankrepertoire is essentieel voor de dagelijkse communicatie binnen de groep, voor het signaleren van gevaar en tijdens de paartijd, wanneer het aantrekken van de aandacht van een vrouwtje van groot belang is.
Klipdassen uit verschillende regio's kunnen elkaar begrijpen, vergelijkbaar met mensen die verschillende dialecten spreken, al kost dat enige tijd.
Opvallend genoeg zijn het vooral de mannetjes die deze luide geluiden maken. Vrouwtjes kunnen ook geluid voortbrengen, maar veel zachter en stiller, omdat zij geen luchtzakken en geen vergroot strottenhoofd hebben.
Tijdens een Kilimanjaro-beklimming via de Lemosho-route weerklinken soms de kenmerkende roepen van boomklipdassen. Een overnachting in het eerste kamp in het bos kan daardoor bijzonder blijven hangen, dankzij de betoverende zang van deze dieren.
Kwetsbare soorten
Boomklipdassen zijn nog altijd relatief weinig onderzocht, maar wetenschappers maken zich nu al grote zorgen over de toekomst van deze dieren. In 2015 werd de oostelijke boomklipdas door de International Union for Conservation of Nature (IUCN) ingedeeld als bijna bedreigd. Natuurlijke vijanden zoals luipaarden, arenden en Afrikaanse pythons, samen met het kleiner worden van hun leefgebied, worden gezien als de belangrijkste risicofactoren.
Ook menselijk ingrijpen speelt een rol in de afname van de populatie boomklipdassen. Sommige mensen proberen deze ogenschijnlijk aaibare dieren tam te maken en als huisdier te houden.
Toch doen boomklipdassen het in gevangenschap slechter dan andere leden van hun orde. Anders dan rots- en struikklipdassen, die in groepen leven en sociale interactie nodig hebben, zijn boomklipdassen solitaire dieren. Ze verkiezen het gezelschap van hun eigen familie, met wie ze bijna al hun tijd doorbrengen in boomholtes of holen. Het zijn schuwe en voorzichtige dieren die nooit uit hun natuurlijke leefgebied mogen worden gehaald, net als ieder ander wild dier, zelfs wanneer het gemakkelijk tam te maken lijkt.
Deze fascinerende dieren leert men het best kennen in hun eigen territorium en op hun voorwaarden. Boomklipdassen zien is door hun nachtelijke leefwijze niet eenvoudig, maar wie na zonsondergang op safari gaat en probeert hun ongeëvenaarde zang te horen, voelt zich even een echte ontdekkingsreiziger. Tijdens een reis door de nationale parken van Tanzania met Altezza Travel ontmoet u soms ook andere, actievere klipdassen: rots- en struikklipdassen. Deze dieren zijn behoorlijk nieuwsgierig, en wanneer u ze rustig benadert en ze tijd geeft om aan uw aanwezigheid te wennen, kunnen ze zelfs belangstelling voor mensen tonen.
Alle content op Altezza Travel wordt samengesteld op basis van deskundige inzichten en grondig onderzoek, in lijn met ons Redactioneel beleid.
Meer weten over reizen in Tanzania?
Ons team denkt graag met u mee. We kennen de belangrijkste bestemmingen in Tanzania uit eigen ervaring. Onze reisspecialisten aan de voet van de Kilimanjaro delen praktische tips en helpen u uw reis zorgvuldig vorm te geven.
